Meetfout

Geen enkel examen meet perfect. Had een leerling op een andere dag, met andere vragen, examen gedaan, dan was de score net anders geweest. Het Cito geeft per examen aan hoe groot die onzekerheid is: de standaardmeetfout.

Frans vmbo-bb, 2003

punten.

Dat is een 6,2. Door de meetfout ligt de “echte” score waarschijnlijk tussen 30 en 38 punten (cijfer 5,6 tot 6,8), en vrijwel zeker tussen 26 en 42 punten (5,0 tot 7,4).

waarschijnlijk (68%) vrijwel zeker (95%) grens voor een 5,5 (29 punten)

Alle vakken in 2003 vmbo-bb

Gesorteerd op de meetfout in cijferpunten: hoe groot de onzekerheid is, omgerekend naar het cijfer. Zo kun je vakken met een verschillende maximumscore vergelijken.

VakMax. scoreMeetfout (punten)Meetfout (cijfer)Betrouwbaarheid
economie 39 3,1 ± 0,72 0,60
Nederlands leesvaardigheid 47 3,3 ± 0,63 0,60
wiskunde 70 4,9 ± 0,63 0,80
Duits 42 2,9 ± 0,62 0,80
aardrijkskunde 40 2,7 ± 0,61 0,60
maatschappijleer 43 2,9 ± 0,61 0,60
Frans 60 3,9 ± 0,59 0,70
natuur- en scheikunde 1 49 3,1 ± 0,57 0,70
Engels 40 2,5 ± 0,56 0,80
geschiedenis 51 3,1 ± 0,55 0,60
biologie 56 3,3 ± 0,53 0,70
Wat betekenen meetfout en betrouwbaarheid?

Standaardmeetfout. Stel dat een leerling hetzelfde examen heel vaak zou kunnen maken, met steeds andere, even moeilijke vragen. De scores zouden dan wat heen en weer gaan rond een “echte” score. De standaardmeetfout is de maat voor die spreiding: in ongeveer twee op de drie gevallen ligt de gemeten score binnen één meetfout van de echte score, en in 95% van de gevallen binnen twee meetfouten.

Betrouwbaarheid. Een getal tussen 0 en 1 dat zegt hoe consistent het examen meet. Hoe hoger, hoe kleiner de meetfout ten opzichte van de verschillen tussen leerlingen. Ongeveer geldt: meetfout ≈ standaardafwijking × √(1 − betrouwbaarheid).

Meetfout in cijferpunten is hier berekend als 9 × meetfout ÷ maximumscore: zoveel verandert het cijfer als de score één meetfout hoger of lager is.

Een sterretje (*) bij de betrouwbaarheid staat zo in de bron van het Cito.